U bent hier: Home  >  Studies en Achtergrond  >  Studies rond ondernemingscreativiteit  >  Flanders DC Studies
Flanders DC Studies

Flanders DC Studies

vorige
1 2 3 4 5 ... 9
Cover van studie 'Identifying opportunities in clean technologies'

Identifying opportunities in clean technologies

The purpose of this report is to understand how “clean technology” entrepreneurs are able to identify and/or create opportunities despite the market challenges that were presented. In order to answer this question, we first analyze why the challenges for clean technologies exist, and how they relate to the processes by which entrepreneurs identify or develop opportunities. In the end, our aim is to provide a framework and a set of tools that are based on a thorough review of the literature and a number of cases that should enable entrepreneurs and their supporting ecosystem to identify viable opportunities in clean technologies themselves.

To make this overarching research objective more concrete, we will focus our work on three main
research questions:
1. What are clean technologies and what is their importance?
2. What challenges do clean technologies face?
3. How do entrepreneurs create value in a way that overcomes these challenges?

Cover van studie 'De contextuele determinanten van het ondernemerschap in Vlaanderen'

De contextuele determinanten van het ondernemerschap in Vlaanderen

Vlaanderen presteert onvoldoende betreffende ondernemerschap. Het Flanders DC-rapport van
Thurik, Tilleuil en Van der Zwan (2009) over de determinanten van het ondernemerschap laat zien dat Vlaanderen slecht scoort op het vlak van beginnend ondernemerschap. Deze constatering komt grotendeels voort uit onderzoek over de individuele kenmerken van ondernemers.
Fogel, Hawk, Morck en Yeung (2006) geven echter aan dat ondernemerschap niet alleen afhangt van de individuele kenmerken van ondernemers, maar ook van de bredere context waarbinnen het ondernemerschap zich voltrekt. Tot op heden is er evenwel geen comprehensieve studie uitgevoerd met betrekking tot de contextuele factoren die het ondernemerschap in een bepaalde regio beïnvloeden.
Dit rapport tracht alle belangrijke contextuele determinanten samen te brengen in een overzichtelijke beschrijving op het niveau van landen en regio’s. Het einddoel van dit rapport bestaat uit een accurate beschrijving van de contextuele determinanten die een invloed uitoefenen op ondernemerschap in Vlaanderen.

Cover van studie: The international expansion path of Bekaert, AB-Inbev and Belgacom

The international expansion path of Bekaert, AB-Inbev and Belgacom

The goal of this paper is analyse the internationalisation strategies of major multinational enterprises (MNEs) based in Flanders and Brussels. The analysis focuses in particular on three case studies, selected among a subset of Flemish and Brussels’ companies and analyses their expansion path in the period from 1995 to 2007. In order to assess the path followed by the selected companies, a deep analysis of their strategies was carried out, also using a longitudinal database of the subsidiaries in the above-mentioned period.

It is worth noting that this is the first time that a comprehensive, longitudinal database on the international activities of Belgian multinational enterprises was constructed. Previous studies for example of the Belgian Federal Planning Bureau had only established cross-sectional databases
of foreign affiliates at different points in time, with the oldest dating from 1995. These studies give us valuable insights in the geographical and sectoral spread of international activities of Belgian enterprises. Yet, they do not make it possible to analyze the expansion path of Belgian enterprises over longer periods of time.

The methodology used to select the companies to analyse is based on the construction of the “Expansion Paths Database” that contains information on companies of Flanders and Brussels that appeared at least at one point in time in the BEL20 index of Euronext Brussels. The development of
a unique, longitudinal database of the foreign activities of these three Flemish and Brussels based MNE helps us to improve our insights in their internationalisation process.

Cover van studie: innoveren in tijden van crisis

Innoveren in tijden van crisis

Ooit verklaarde de Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter dat een economische teruggang ‘een goede koude douche is voor het economisch systeem’. Hij ging er vanuit dat een economische teruggang niet enkel tot kommer en kwel zal leiden, maar ook positieve gevolgen kan hebben. Zo kan een crisissituatie een gelegenheid zijn voor bedrijven om de efficiëntie te vergroten en ernaar te streven dingen te doen op een slimmere manier met minder middelen.
Deze tweespalt is het uitgangspunt van voorliggend onderzoek. We willen nagaan wat de impact van de crisis is op Vlaamse ondernemingen. We gaan op zoek naar de mate waarin de crisis ondernemerschap, innovatie en internationalisatie stimuleert of fnuikt.

Uit de resultaten van dit onderzoek is het vooral duidelijk dat de overheid geen ‘one size fits all’-beleid kan voeren om Vlaanderen uit de crisis te halen. Wel is het overduidelijk dat grote gestructureerde beursgenoteerde bedrijven qua innovatie op het moment van crisis afhaken. Het is een voorbeeld van modern ‘marktfalen’. Op dergelijke momenten moet de overheid tijdelijk en selectief de rol van deze bedrijven overnemen en anticyclisch in innovatie investeren.

EFFECTO - Op weg naar effectief ondernemerschapsonderwijs in Vlaanderen

EFFECTO - Op weg naar effectief ondernemerschapsonderwijs in Vlaanderen

Dit grootschalig onderzoek bij meer dan 200 scholen en meer dan 6000 leerlingen wijst uit dat tieners door initiatieven in onderwijs meer zin krijgen in ondernemen.Tieners hebben ook een positief beeld van ondernemers. De helft van de leerlingen vindt een eigen zaak opstarten een aantrekkelijk idee. 30% vindt dat ook haalbaar. Jongens scoren daarin hoger dan meisjes. Ook leerlingen uit het BSO en TSO vinden een eigen zaak een haalbare kaart. Eén zwak puntje: de meeste programma’s beginnen te laat, vaak pas in de derde graad, en richtten zich weinig op niet-economische richtingen in het ASO. De bevraging toont ook aan dat hoe vaker tieners deelnemen aan activiteiten rond ondernemen, hoe hoger hun intentie om te ondernemen wordt. Dat effect wordt sterker naarmate het contact intensiever is. Eén op drie jongeren denkt ooit zelf een eigen onderneming te zullen leiden. Jongens scoren wel hoger dan meisjes wat betreft ondernemerschapsintentie. De inspanningen van de Vlaamse regering en diverse instanties om onze jeugd ondernemingsgezind te maken hebben dus wel degelijk effect.

vorige
1 2 3 4 5 ... 9